autisme-dyspraxie

Autisme & Comorbiditeiten: Dyspraxie

Veel autistische mensen zijn niet alleen autistisch. Geregeld komt het voor dat wij ook andere diagnoses hebben. Deze diagnoses staan meestal op zichzelf, maar komen toch vaker voor bij autisten dan bij neurotypische mensen. Deze diagnoses (of (nog) niet-gediagnosticeerde klachten) worden dan comorbiditeiten genoemd. In deze serie ga ik de komende maanden verscheidene comorbiditeiten bespreken. Dit artikel gaat over dyspraxie.

Inleiding.

Net als autisme is dyspraxie ook een ontwikkelingsstoornis en valt daarmee ook onder de neurodiversiteit-paraplu. Net als ADHD, dyslexie, dyscalculie en nog andere diagnoses, die in deze serie ook nog aan bod zullen komen. Mensen met dyspraxie hebben onder andere problemen met beweging en coördinatie. Dyspraxie is hierdoor ook bekend als ‘motorische leerprobleem’, perceptuo-motorische disfunctie en ontwikkelingscoördinatiestoornis (DCD). De termen ‘minimale hersenbeschadiging’ en ‘onhandig kindsyndroom’ worden (gelukkig) niet meer gebruikt.

Wat is dyspraxie?

Dyspraxie is een neurologische aandoening die van invloed is op iemands vermogen om motorische taken te plannen en te verwerken.

Personen met dyspraxie hebben vaak taalproblemen en soms kunnen problemen ondervinden met denken en waarnemen. Dyspraxie heeft geen invloed op de intelligentie van de persoon, hoewel het bij kinderen wel leerproblemen kan veroorzaken.

De hersenen van iemand met dyspraxie verwerken informatie op zo’n manier dat er geen volledige overdracht van neurale boodschappen plaatsvindt. Hierdoor kan dyspraxie het plannen van wat te doen, en hoe dat dan te doen, stukken moeilijker maken. Het kan er daardoor uitzien alsof mensen met dyspraxie ‘niet synchroon lopen’ met hun omgeving.

Experts zeggen dat ongeveer 10 procent van de mensen enige mate van dyspraxie heeft, terwijl ongeveer 2 procent het ernstig heeft. Vier op de vijf kinderen met duidelijke dyspraxie zijn jongens, hoewel er enige discussie is over de vraag of dyspraxie bij meisjes mogelijk onvoldoende wordt gediagnosticeerd.

Symptomen van dyspraxie.

Symptomen kunnen – net als bij autisme – erg variëren, waarbij ook de leeftijd van het individu een rol speelt. Enkele van de algemene symptomen van dyspraxie zijn:

  • Slechte balans.
  • Slechte houding.
  • Vermoeidheid.
  • Onhandigheid.
  • Verschillen in spraak.
  • Perceptieproblemen.
  • Slechte hand-oogcoördinatie.

Bij volwassenen kunnen de symptomen onder andere de volgende zijn:

  • Slechte houding en vermoeidheid.
  • Problemen met het voltooien van ‘normale’ taken.
  • Minder nauwkeurige controle: schrijven en tekenen zijn moeilijk.
  • Moeite met het coördineren van beide zijden van het lichaam.
  • Onduidelijke spraak, vaak kan de woordvolgorde door elkaar worden gehaald.
  • Onhandige bewegingen en neiging tot struikelen.
  • Verzorgen en aankleden zijn een grotere uitdaging: scheren, make-up aanbrengen, kleding vastmaken, schoenveters strikken.
  • Slechte hand-oog coördinatie.
  • Moeite met het plannen en organiseren van gedachten en taken.
  • Minder gevoelig voor non-verbale signalen.
  • Gemakkelijk gefrustreerd.
  • Een laag zelfbeeld.
  • Moeite met slapen.
  • Moeite met het onderscheiden van geluiden van achtergrondgeluid.
  • Opvallend gebrek aan ritme bij dansen of sporten.

Autisme en dyspraxie.

Bovengenoemde symptomen van dyspraxie kunnen opvallend veel op de kenmerken van autisme lijken, waardoor autisme en dyspraxie zich op dezelfde manier voordoen. En wat het nog verwarrender kan maken, is dat de twee dus ook comorbiditeiten kunnen zijn. Dyspraxie kan opzichzelfstaand zijn, en autisme ook. Maar ze komen ook regelmatig gelijktijdig voor. Maar aangezien dyspraxie stukken minder bekend is dan autisme, is het mogelijk dat sommige mensen een autisme diagnose hebben gekregen en niet op dyspraxie zijn beoordeeld.

De gelijkenissen tussen autisme en dyspraxie.

Zowel dyspraxie als autisme kunnen ertoe leiden dat personen zich ongemakkelijk voelen in sociale situaties. Bijvoorbeeld: Op school kunnen beide partijen verschillend worden behandeld door hun leeftijdsgenoten en kunnen ze het doelwit worden van pesterijen en spot.

Sommige dyspraxische en autistische mensen hebben verschillende of afwijkende manieren van spreken. Wanneer dit optreedt bij dyspraxie, wordt dit apraxie van spraak genoemd. Ze kunnen moeite hebben met het beheersen van het volume en de toonhoogte van hun spraak en het gebruik van complexe en lange reeksen taal.

Sommige mensen met dyspraxie zijn overgevoelig voor temperaturen, licht en geluid en velen houden zich liever aan een vertrouwde routine om hen te helpen bij het uitvoeren van dagelijkse taken. Aandachtsproblemen kunnen ook een probleem zijn en er is de mogelijkheid van samenloop met andere leerproblemen, zoals dyslexie.

De verschillen tussen autisme en dyspraxie.

Autistische personen hebben vaker moeite om emoties bij andere mensen te lezen dan iemand met dyspraxie en zij houden er misschien niet van om direct oogcontact te maken. Daarnaast zijn dingen zoals speciale interesses, hyperfocus en infodumping vaker aanwezig bij iemand met autisme dan bij iemand die alleen dyspraxie heeft. Bovendien worden motorische vaardigheidstekorten traditioneel niet opgenomen in de lijst met autistische kenmerken.

Is het autisme? Is het dyspraxie? Of is het beide?

Dus hoewel er overeenkomsten zijn, wordt autisme vooral als een sociale- en communicatiestoornis geclassificeerd en is dyspraxie vooral een motorische stoornis. Als jij of je kind een van deze diagnoses heeft, maar je denkt dat jij of je kind ook andere dergelijke problemen ervaart, kun je overwegen om nader onderzoek te doen.

Het kan namelijk zijn dat iemand met ASS ook een slechte concentratie/algemene onhandigheid heeft of een feitelijk probleem met de motorische planning (dyspraxie). Maar het kan dus ook zijn dat iemand met dyspraxie bijvoorbeeld een laag zelfbeeld uit, wat kan komen door problemen met socialiseren of communiceren doordat er eigenlijk autisme achter schuilt.

Hoe zit het bij jou?

Herken jij ook symptomen van dyspraxie? Of ben je zelfs al gediagnosticeerd met dyspraxie? Hoe ervaar jij dit? Heb je nog tips voor anderen hoe hier mee om te gaan? Deel het gerust in de comments!

Abonneer
Laat het weten als er
0 Reacties
Inline feedbacks
Bekijk alle reacties

Dit artikel delen

Share on facebook
Facebook
Share on twitter
Twitter
Share on linkedin
LinkedIn

Meer artikelen

Sherlock Holmsen

“De dag die je wist dat zou komen is eindelijk hier…” Hoewel ik gruwel

Ruimte-innemen-persoonlijke-groei

Ruimte innemen

Het is een leerdoel van mij: Ruimte in durven nemen. Maar wat vind ik