Gaan twee autisten op vakantie (deel 2) – met tips & tricks

Een maand geleden postte ik een blog over T en ik, die elkaar via evenontprikkelen.nl hebben ontmoet en hadden bedacht dat het een goed idee was om samen op vakantie naar Frankrijk te gaan. Nu is natuurlijk de prangende vraag: hoe is dat gegaan? Dat lees je in deze blog, samen met nog wat tips om je vakantie auti-proof te maken!

Na een enerverende treinreis vanuit Rotterdam (inclusief krijsende kinderen en een stel minderjarige gastjes met uitspraken á la “mijn leven is duisternis en verdriet”) ontmoetten T en ik elkaar op het station van Bordeaux. Vanuit daar moesten we nog een bus van 2 uur nemen die ons in Lacanau Océan, het kustplaatsje van bestemming, zou brengen. De hele busreis stond in het teken van kletsen, en vanaf de eerste ijskoffie in Bordeaux tot en met het laatste ijsje terug in Rotterdam is dat ook niet meer veranderd.

Ondanks het arsenaal aan spraakberichten dat al in onze telefoons stond, waren de onderwerpen nog lang niet uitgeput. Neurodiversiteit, de voornaamwoorden van voorwerpen (T noemt alles een “zij”, dus toen onze parasol wegwaaide op het strand, “nam zij de benen”), vrouwenvoetbal, God en geloof, citaten uit Finding Nemo, het opzetten van een eigen webshop met gebreide truien… je kunt het zo gek niet bedenken of het passeerde de revue. Dat is wat mij betreft gelijk het eerste voordeel van op vakantie gaan met een mede-autist: je hoeft niet eerst aan de small-talk alvorens je de meest random diepe gesprekken gaat voeren.

Eenmaal op de plaats van bestemming hebben we ontzettend genoten van de golven, het zand (alleen op het strand, want zand in huis is sensorisch gewoon niet wat je wilt) en de bossen. Soms was het nog wel even zoeken hoe we onze tijd in zouden vullen, omdat het openbaar vervoer in de omgeving prut was en er veel fietspaden afgesloten waren door bosbrandgevaar. Ik kon natuurlijk elke keer met m’n surfplank het water in, maar voor T, die nog nooit had gesurft en ook op zoek was naar andere activiteiten, lag dat anders. Gelukkig kwamen we erachter dat er ook fietspaden waren waar we wél op konden (misschien hebben we een paar versperringslinten genegeerd) en dat we per fiets bij twee grote meren konden komen om te zwemmen en te kajakken. Daarnaast hadden we natuurlijk ook gewoon onze rustmomenten tussendoor nodig om op te laden, en was het strand 100 meter verderop altijd beschikbaar voor een zonnebaadsessie of een frisse duik.

Verder hebben we gelachen om het Frans-Engelse taalgebruik (“zhe” in plaats van “the”), genoten van ons schattige kleine appartementje, schijt gehad aan de normen van “normaal rechtop zitten” en in kleermakerszit in de Thalys gezeten, Kinderen voor Kinderen geluisterd, op blote voeten door Lacanau Ocean gewandeld, pizza besteld, macarons gegeten, kortom… het gewoon ontzettend naar ons zin gehad! Achteraf bedacht ik me daarom dat ik best wel even een evaluatie kon schrijven over wat ervoor zorgde dat het zo goed ging en wat ik de volgende keer anders zou doen. Handig voor therapie en een zekere blog enzo. Dus mocht je het nuttig vinden, hieronder een paar tips voor als je als autist (al dan niet samen met een mede-autist of anderszins neurodivers persoon) op vakantie gaat:

  • Praat van tevoren samen over wat je verwacht van de vakantie en wat je niet wilt: wensen en grenzen afstemmen dus.
  • Durf ook los van elkaar activiteiten te ondernemen: niet alles hoeft samen. Zo ben ik op een ochtend gaan surfen en heeft T de fiets gepakt naar een van de meren.
  • Plan voldoende rustmomenten tussen de activiteiten door. Dat is ook vakantie! Let op je energieniveau: word je steeds vermoeider door de vakantie heen of laad je tussendoor ook nog een beetje op? Ga bijvoorbeeld lekker een uurtje op bed liggen of luister muziek.
  • Help elkaar herinneren op tijd je medicijnen in te nemen, voldoende water te drinken en te eten.
  • Zet om de beurt je energie in door om de beurt te koken, boodschappen te halen, het sociale contact met locals te doen, enzovoorts.
  • Praat over je energieniveau. Vraag regelmatig aan elkaar hoe het gaat. Een kleurensysteem kan hierbij helpen, bijvoorbeeld: zit je in het groen, oranje of rood? Pas je activiteiten hierop aan.
  • Vergeet geen grapjes te maken over je autistische trekjes (ik: “ik vind het zo heerlijk dat ik niet per sé oogcontact hoef te maken”. T: “en al zou je het wel doen, ik kijk toch niet terug”).
  • Blijf je tijdens activiteiten afvragen: word ik hier (nog steeds) gelukkig van? Stel eventueel je plan bij. Zo liepen T en ik op de laatste dag samen overprikkeld door het centrum terwijl we allebei al gezien hadden wat we wilden zien. T stelde toen voor om gewoon vast lekker naar het appartement te gaan, ook al hadden we het van tevoren anders bedacht.
  • Zorg dat je altijd iets makkelijks in huis hebt in de vorm van afbakbroodjes, soep, een salade… handig voor als je echt geen puf hebt om te koken.
  • Vind herkenning in elkaars neurodiverse trekjes en probeer minder te maskeren bij iemand bij wie je je veilig voelt. Stimmen, praten over je speciale interesses, hyperfocussen… alles mag!
  • Doe tijdens de vakantie af en toe een mondelinge evaluatie bij een kopje thee. Hoe gaat het, waar heb je behoefte aan, spreek je de belangrijke zaken uit naar elkaar of houd je toch dingen achter, enzovoorts.
  • Heb vooral heel veel plezier!

 

En T en ik? Wij genieten na met een paar vakantiefoto’s, een berg leuke herinneringen en wat extra levenswijsheid op de koop toe. Gaan we elkaar vaker zien? Zeker weten!

Abonneer
Laat het weten als er
0 Reacties
Inline feedbacks
Bekijk alle reacties

Dit artikel delen

Share on facebook
Facebook
Share on twitter
Twitter
Share on linkedin
LinkedIn

Meer artikelen

Sherlock Holmsen

“De dag die je wist dat zou komen is eindelijk hier…” Hoewel ik gruwel